Ruimte voor cultureel experiment en creativiteit op komst?
In 2007 maakte ik, in samenwerking met HETPALEIS en Stefan Perceval, de virtuele voorstelling ‘Paola246’. Een jong meisje deelt haar dagelijkse beslommeringen via het internet (youtube, weblog, twitter en flickr) en reageert als een ‘echte’ mens op commentaren die haar worden toegespeeld. Het geheel eindigt in de audiovisuele afdeling van FNAC Antwerpen waar het publiek de kans krijgt om de apotheose IRL (in real life) mee te maken.
Het project was not-seen-before in het Vlaams cultuurlandschap en genoot een zeker succes, zowel qua publiek als qua persbelangstelling.
Wat ik niet had kunnen voorzien is dat dit experiment op heel wat wrevel kon rekenen van binnenuit. Een dagdagelijkse opvolging van sociale media heeft haar eigen dynamiek en het is de puppetmaster die aan de touwtjes trekt. Daardoor verschuiven een aantal taken en verantwoordelijkheden, en dat wordt als iets bedreigends ervaren. De regisseur is niet meer ‘in charge’, de directeur moet het doen met een planning à la minute.
Innoveren en experimenteren is vooruit durven denken en baan ruimen voor mensen die bereid zijn dit risico te nemen in een omgeving waar je veilig kan falen. Snel falen dan wel, om vervolgens met de opgedane kennis verder te stappen in een ander en nieuw verhaal.
En daar wringt het schoentje. Innoveren in theater bijvoorbeeld betekent niet: grotere producties, voor meer publiek, met grotere en duurdere lichtarmaturen en gebruik van 16 videoprojectoren. Innovatie betekent het gangpad vrijmaken voor, helaas meestal, jonge wolven en durven toegeven dat je ten hoogste een digitale immigrant bent. Loslaten! Vrijlaten! Wars van elke mogelijke vorm van controle en beperking.
Experiment en werkelijke innovatie moeten gekoesterd worden. En dat zit niet ingebakken in onze Vlaamse cultuur, wat het geheel nog verzwaard. We houden te zeer van zaken die tastbaar zijn, van dingen die we met beide handen kunnen vastpakken, van geijkte, beproefde formules. We houden helemaal niet van de idee, wel van het eindresultaat in concrete vorm. We betalen niet graag een redelijke prijs voor het ontwerpen van een huisstijl, wel voor 20 kilo drukwerk met het logo erop.
Experiment en innovatie in de culturele sector leidt onder haar eigen gatekeepers (de artistiek leider, de directeur en ander kaderpersoneel). Daarnaast zijn auteursrecht en privacy compleet achterhaald en worden zij verdedigd door instituten, gevestigde waarden en belangen. Het business model van innovatie heeft hen allemaal en compleet voorbij gestoken.
Er is behoefte aan creatieve ruimten waar volop en veilig kan geëxperimenteerd worden en waar men gebruik kan maken van de nieuwste technologieën om digitale content te creëren, te herbruiken, aan te moedigen en te faciliteren. En dit alles los van de wurgende invloed van gatekeepers. Geen onderzoeksinstellingen, geen lobbygroepen, geen plunderaars van de rijkdom van jonge innovatoren. Kortom: veilige broedplaatsen voor e-cultuur, waarbij achteraf, na het leggen van het ei, de kennis gedeeld kan worden.
Ik geloof niet in 10 jaar vooruitkijken. Dit is een periode van evolutie, van overgang. Ik geloof wel in een vrije ruimte om te experimenteren, met kunst en rond kunst. En dat is weer kunst op zich. De beperkingen op vlak van auteursrechten en privacy moeten vooral niet van die middelen worden betaald … die lobbygroepen moeten dat maar in parallel doen op hun eigen kosten, zij verdedigen immers een bestaande economische activiteit, die dan nog wel marges heeft, maar geen toekomst.
Een belangrijke rol is weggelegd voor de creatieve sector. En niet enkel de economische valorisatie is hier van belang, maar ook de maatschappelijke meerwaarde. En om die meerwaarde te realiseren dienen we interdisciplinair aan de slag te gaan en te breken met de schema’s waarin we ons tot op heden veilig konden terugtrekken.
Naast goodwill binnen de sector, is er uiteraard ook een belangrijke rol weggelegd voor de overheid. Zij zullen maximaal inzetten om de mogelijkheden te voorzien opdat creatieve ruimten voor experiment tot stand kunnen komen. Dat betekent niet enkel middelen voorzien, maar ook het kader en de kennis verzamelen die het mogelijk maken om ingediende projecten naar waarde te kunnen schatten.
Cultuur is een stimulans om mensen te laten nadenken en behelst tegenwoordig heel wat meer dan louter ontspanning. Hoog tijd dus voor innovatief experiment dewelke een belangrijke bijdrage kan leveren aan de kennissamenleving.
Stefan Kolgen maakte deel uit van het ‘Atelier e-cultuur en digitalisering‘, één van de zeven doelstellingen van de Beleidsnota Cultuur van Vlaams minister Joke Schauvliege.
Hij is artistiek leider van C.H.I.P.S. vzw, coördinator van StampMedia en VideAntz en gastdocent aan de Media- en Design Academie in Genk.

3 reacties
Reageer[...] This post was mentioned on Twitter by Stefan Kolgen, Ann Laenen. Ann Laenen said: RT @skolgen: 'Ruimte voor cultureel experiment en creativiteit op komst?' – http://www.e-cultuur.be/weblog/?p=3552 #cultuurforum [...]
[...] via e-cultuur weblog» Weblog Archief » Ruimte voor cultureel experiment en creativiteit op komst?. [...]
[...] presenteerde Stefan Kolgen de doorbraak rond ruimte voor cultureel experiment en creativiteit via een statement binnen de cluster Experimenteren en zelf ontwikkelen samen met de doorbraak [...]
Reageer op dit bericht